Titel
Pam Reynolds: PSI en een vlak EEG
Geplaatst door
T. Rivas
Samenvatting
Titus Rivas bespreekt voor het Tijdschrift voor Parapsychologie de bekende bijnadoodervaring van Pam Reynolds, een van de sterkste gevallen op dit gebied.
Tekst

Het geval Pam Reynolds: psi en een vlak EEG

door drs. Titus Rivas (eindnoot)

Inleiding
De naam Pam Reynolds is erg bekend geworden onder mensen die zich bezighouden met bijnadoodervaringen. In dit artikel een beknopte bespreking van haar geval.




Het onderzoek van Michael Sabom
De cardioloog dr. Michael B. Sabom werd al in de jaren ’80 bekend vanwege zijn aandacht voor mogelijke buitenzintuiglijke waarneming van medische handelingen onder patiënten die klinisch dood verklaard waren (Sabom, 1981). Hij toonde door middel van een controlegroep aan dat de beschrijvingen van BDE’ers sterker overeenkwamen met de medische handelingen dan men op basis van toeval of normale informatie (voor- of achteraf) mag verwachten. Het feit dat de waargenomen handelingen plaatsvinden tijdens een fysiologische toestand van diepe bewusteloosheid doet vermoeden dat het bewustzijn nog kan functioneren terwijl de hersenen geen meetbare activiteit vertonen. Dit gaat in tegen een centrale stelling van de theorie van het fysicalisme (Rivas & Van Dongen, 2003). Zonder zo'n 'substraat' zou er volgens de gangbare neuropsychologische theorieën geen bewustzijn mogelijk zijn. De aantoonbare aanwezigheid van bewustzijn tijdens een 'vlak EEG' zou daarom hoe dan ook moeten leiden tot een grondige herziening van die gangbare theorieën.
Binnen deze context voerde Michael Sabom in 1994 een vervolgonderzoek uit, de zogeheten Atlanta Study (Sabom, 1998). Hij stuitte daarbij op het geval van een 35-jarige Amerikaanse singer-songwriter. Zij wordt in de literatuur aangeduid als ‘Pam (of Pamela) Reynolds’. De zangeres moest in 1991 een ingewikkelde operatie ondergaan in verband met een groot zogeheten sacculair aneurysma op de schedelbasis onder haar hersenstam, d.w.z. een zakvormige uitstulping van de wand van een hersenslagader. Als zo’n aneurysma openbarst, leidt dit tot een bloeding die de aangrenzende hersenstam aantast, met de dood tot gevolg.

De operatie
De grootte en de locatie van het aneurysma maakten het onmogelijk om de uitstulping middels een routineuze neurologische ingreep te verwijderen. Vandaar dat Pam Reynolds naar dr. Robert Spetzler van het Barrow Neurological Institute in Phoenix (Arizona) werd gestuurd. Spetzler is een pionier van de methode die bekend staat als hypothermische hartstilstand en in het Engels de bijnaam standstill (‘operatie stilstand’) heeft gekregen. Hierbij wordt iemands lichaamstemperatuur teruggebracht tot ongeveer 15 ŕ 17 graden Celsius. Zowel de hartslag als de ademhaling worden stopgezet en het bloed wordt uit het hoofd gedraind. Op deze manier voorkomt men tijdens operaties aan de hersenen, de grote bloedvaten of het hart dat normale fysiologische processen voor ernstige complicaties zorgen. Biologisch gezien komt de procedure bijzonder dicht in de buurt van de dood, met dien verstande dat de patiënt natuurlijk weer tot leven wordt gewekt aan het einde van de operatie. Pam Reynolds werd tijdens haar ingreep een operatiekamer binnengebracht. Ze kreeg verdovende medicijnen, pijnstillers en spierverslappende middelen toegediend, waarna zij volledig onder narcose was. Pam werd verbonden aan een apparaat dat haar ademhaling overnam. Een anesthesist observeerde haar nauwkeurig. Men lette o.a. op haar EEG en op eventuele reacties van haar brein op klikgeluiden die haar hersenen ter controle via twee oorplugjes bereikten. Zulke reacties kunnen er namelijk op wijzen dat de hersenstam onbedoeld nog steeds actief is, zelfs als er wel sprake is van een vlak EEG. Haar ogen werden afgeplakt met pleisters, haar hoofd werd vastgezet en de rest van haar lichaam werd bedekt met steriele doeken.
Daarna begon Spetzler aan de eigenlijke operatie aan het aneurysma. Tegelijkertijd bevestigde cardioloog Dr. Murray een bypass-machine aan de bloedvaten in haar lies, een standaardtechniek die onderdeel uitmaakt van de totale standstill operatie. Haar bloed werd uit haar lichaam gepompt, gekoeld en weer teruggepompt in haar lichaam. Op deze manier werd het hele lichaam afgekoeld en bovendien werd de hartfunctie overgenomen door de machine. Uiteindelijk werd ook de bypass-machine stopgezet en het aneurysma zonder complicaties verwijderd. Daarna werd het apparaat weer aangezet en gebruikt om de lichaamswarmte te verhogen tot aan de normale temperatuur. De normale hartfunctie werd hersteld, ingebrachte buisjes werden verwijderd en de wonden werden gehecht.

De bijnadoodervaring
Neurochirurg Spetzler zette op een goed moment een chirurgische zaag in werking om Pams schedel te openen. Hierbij beleefde zij een bijnadoodervaring in twee onderdelen: een deel waarbij ze de fysieke werkelijkheid waarnam en een gedeelte dat zich afspeelde in een spirituele belevingswereld.

1. Waarneming van de fysieke werkelijkheid
Terwijl Spetzler bezig was met de zaag, nam Pam een geluid waar dat zij identificeerde als een muzieknoot (‘D’). Zij voelde daarbij dat ze uit haar lichaam floepte en boven de operatietafel zweefde. Naarmate ze haar lichaam verder verliet, werd de toon helderder. Vervolgens observeerde ze hoe de artsen bezig waren met haar levenloze lichaam. Ze voelde zich bewuster dan ooit tevoren. Haar waarnemingspunt bevond zich als het ware ter hoogte van de schouder van de chirurg. “Het kwam niet overeen met het normale zien. Het was feller en gerichter en helderder dan normaal zien... Er was zoveel in de operatiekamer wat ik niet herkende, en er waren zoveel mensen.” Ze zag dat de chirurg een apparaat vasthield dat op een elektrische tandenborstel leek. Het ding maakte een geluid dat Pam niet prettig vond en ze nam waar dat er aan de bovenkant een groef in zat, waar het leek over te gaan in het handvat. Ze vond het apparaat meer lijken op een boor dan op een zaag. Er zaten verwisselbare bladen aan, en er was een kistje met onderdelen die op een kistje voor dopsleutels leek. Ze hoorde hoe het geluid van de zaag aanzwelde. Ze zag niet waar de zaag precies in werd gezet, maar hoorde wel dat men ergens in zaagde.
Pam hoorde vervolgens hoe iemand zei dat haar slagaders in haar linkerlies te klein waren en iemand anders daarop antwoordde dat men het aan de andere kant moest proberen (bij haar rechterlies). Ze vond het gedoe bij haar onderlichaam vreemd omdat er immers sprake was van een hersenoperatie en ze het verband dus niet begreep.

Verificatie van de waarnemingen
Michael B. Sabom probeerde vast te stellen in hoeverre Pams beschrijving van de beginfase van de operatie overeenkwam met de feiten. Hij nam contact op met dr. Robert Spetzler en kreeg inzage in diens operatieverslag.
De overeenkomsten bleken zo groot dat ook Spetzler zelf er geen normale verklaring voor kon bieden. Zo gaf Pam een juiste weergave van het gesprekje over haar slagaders, terwijl dit gesprekje zelfs als ze gewoon bij bewustzijn was geweest op zijn minst sterk vertekend had moeten zijn door de klikgeluiden op haar [online toevoeging: van luidsprekertjes voorziene] oorplugjes. Ook de beschrijvingen van de zaag en het kistje met de onderdelen kwamen tezeer overeen met de werkelijkheid om aan toeval te worden toegeschreven.
Zowel Pam Reynolds als Robert Spetzler hebben dit alles nog eens apart tegenover mij bevestigd via e-mail, zodat er geen sprake is van een onjuiste weergave in de belangrijkste primaire bronnen voor het geval. Normale verklaringen zoals voorkennis worden expliciet verworpen door dr. Spetzler. Hij stelt bijvoorbeeld (Smit, 2003): “Ik denk niet dat de waarnemingen die zij deed, stoelden op wat ze had ervaren bij binnenkomst in de operatiekamer. Ze had ze gewoon niét kunnen zien! Bijvoorbeeld,de schedelboor etc., al die dingen waren afgedekt. Ze waren niet zichtbaar, ze waren gewoon nog verpakt. Je gaat die pakketten niet openmaken voordat de patiënt volledig onder narcose is; zo handhaaf je zo lang mogelijk een steriele omgeving.”
Michael Sabom verklaart zelf onder meer (in de vertaling van Rudolf Smit, 2003): “Ze had de schedelboor gezien waarmee haar schedel was opengemaakt. Ik had er werkelijk geen idee van hoe dat ding er uit zag. Zij beschreef het als een “elektrische tandenborstel” en dat vond ik bespottelijk. Ik bestelde bij [een instantie in] Fortworth Texas een foto van het apparaat om zo na te kunnen gaan of wat zij beweerde ook klopte. En ik was verbaasd; het apparaat op het plaatje lijkt inderdaad op een elektrische tandenborstel.”
Overigens is er een kleine discrepantie met de werkelijke vorm van de zaag: er is wel iets wat op een groef lijkt, maar deze bevindt zich niet bij het handvat, maar juist meer aan de onderkant van het apparaat (Sabom, 1998, blz. 187-190). De vermelding van deze kleine onnauwkeurigheid pleit mijns inziens voor de algehele betrouwbaarheid van het geval Pam Reynolds.

2. Spirituele belevingswereld
Na de waarnemingen van de OK, ervoer Pam opeens iemands aanwezigheid en zij zag een klein lichtpuntje dat haar naar zich toetrok. Pam zegt onder meer (Smit, 2003): “Hoe dichter ik bij het licht kwam, hoe duidelijker ik verschillende gestalten begon te zien, verschillende mensen, en ik hoorde heel duidelijk hoe mijn grootmoeder mij riep. [...] En ik zag een oom die stierf toen hij 39 jaar was. Hij heeft mij veel geleerd; hij gaf mij mijn eerste gitaarlessen. En ik zag veel mensen die ik kende en heel veel mensen die ik niet kende, maar ik wist dat ik op een of andere manier met hun verbonden was. Ik vroeg of dat licht God was, en het antwoord was “Neen, het Licht is niet God, het licht is wat er gebeurt als God ademt.” [...] Op een zeker moment werd ik er aan herinnerd dat het tijd was terug te gaan. [...] Het was mijn oom die mij terugbracht naar beneden, naar mijn lichaam. Maar toen ik terugkwam op de plek waar het lichaam lag, keek ik naar dat ding en, echt, ik wou daar niet in terugkeren, want het zag er echt uit zoals het was: zonder leven. [...] Maar hij bleef maar pogen mij te overreden, hij zei “duiken hoeft niet, spring gewoon”. En, “denk aan je kinderen”, en ik zei [lacht], “met die kinderen gaat het wel goed”. Hij: “Lieverd, je moet terug”. Nou, hij duwde me, hij hielp mij een handje. [...] Ik kwam terug in mijn lichaam. Ik zag het lichaam opwippen. En toen duwde hij me en ik voelde me inwendig verkleumen.“
Als deze tweede fase van de bijnadoodervaring van Pam Reynolds werkelijk plaatsvond tijdens de eigenlijke operatie aan haar aneurysma, dan vormt dit een groot probleem voor het materialistische wereldbeeld. Op dat moment was er namelijk met absolute zekerheid geen hersenactiviteit meer die Pams bewustzijn kon ‘ondersteunen’.
Skeptici zoals Susan Blackmore en Gerald Woerlee stellen dan ook dat ervaringen als die van Pam Reynolds nooit tijdens een vlak EEG plaatsvinden, maar altijd daarvoor of daarna, d.w.z wanneer de hersenen genoeg activiteit vertonen om de aanwezigheid van bewustzijn neurologisch te verdisconteren. Ze wijzen het argument dat dit niet strookt met de continuďteit die de BDE-er zelf ervaart bij voorbaat van de hand. Rudolf H. Smit geeft aan dat Sue Blackmore niet eens meer bereid is om nieuw bewijsmateriaal rond BDE te bestuderen (Smit, 2003). Woerlee gaat op zijn site alleen in op details die eventueel nog op een normale manier verklaard zouden kunnen worden, maar niet op de beschrijving van hoe de zaag en het kistje eruit zagen.

Beschouwing
Bij het geval Pam Reynolds is sprake van twee anomalieën ten aanzien van gangbare fysicalistische modellen:

(1) De veridieke waarneming tijdens de beginfase van de operatie.
(2) De bewuste ervaringen in een spirituele belevingswereld zonder ondersteuning door corticale hersenactiviteit.

Men lijkt nu op het eerste gezicht te kunnen volstaan met de constatering dat Reynolds een voorbereidende fase van de operatie zelf moet hebben waargenomen via helderziendheid. (Overigens gaat dit natuurlijk al veel te ver voor de meeste skeptici.)
De eigen subjectieve beleving binnen de BDE van Pam Reynolds wijst echter op een continuüm tussen de paranormale waarnemingen van de operatie en de ervaringen in een andere belevingswereld. Het enige, onbevredigende, alternatief is dat we die subjectieve beleving volkomen ad hoc afdoen als illusoir. Volgens dr. Pim van Lommel (in: Smit, 2003) wordt een geval als dat van Pam Reynolds met name bedreigend gevonden voor het gangbare wereldbeeld, omdat “we nu tot de conclusie moeten komen, dat de BDE met helder bewustzijn wordt ervaren tijdens niet-functionerende hersenen. En dat het bewustzijn en herinneringen dus niet het product van de hersenen kunnen zijn. En deze conclusie is bedreigend voor veel neurowetenschappers, omdat we tot nu toe altijd het (nooit bewezen) concept hanteren dat ons bewustzijn en herinneringen in de hersenen ontstaan, en dat dus met de lichamelijke dood, met de hersendood, ook het bewustzijn definitief verdwijnt.”

Referenties
- Rivas, T., & Dongen, H. van (2003). Exit Epiphenomenalism: The Demolition of a Refuge. Journal of Non-Locality and Remote Mental Interactions, II, 1.
- Sabom, M.B. (1981). Recollections of Death: A Medical Investigation. Harpercollins.
- Sabom, M.B. (1998). Light and Death. Zondervan Publishing House.
- Smit, R.H. (2003). De unieke BDE van Pamela Reynolds (Uit de BBC-documentaire "The Day I Died"). Terugkeer, 14, (2), 6-10.
- Woerlee, G. (2005). Pam Reynolds’ Near Death Experience (Mortal Minds website).

Eindnoot
Met dank aan Rudolf H. Smit.

- People Have NDEs While Brain Dead
- The Survivalist Interpretation of Recent Studies Into the Near-Death Experience
- Consciousness during Clinical Death and after Irreversible Brain Death

Dit artikel werd in 2006 gepubliceerd in het Tijdschrift voor Parapsychologie, nr. 1 [369], 10-13.

Contact: titusrivas@hotmail.com

Gebruikte steekwoorden
bijnadoodervaring, leven na de dood, bde, parapsychologie, bewustzijn, veridieke waarneming, paranormale waarneming, psi
printversie
auteur mailen
sluiten