Titel
Heeft het aardse leven zin?
Geplaatst door
T. Rivas
Samenvatting
De auteur geeft beknopt zijn persoonlijke visie op het vraagstuk van de zin van het aardse leven in het kader van BDE's en preëxistentieherinneringen.
Tekst


Heeft het aardse leven zin?

door Titus Rivas

Samenvatting
De auteur geeft beknopt zijn persoonlijke visie op het vraagstuk van de zin van het aardse leven in het kader van BDE's en preëxistentieherinneringen.

Inleiding
Bijna-doodervaringen laten volgens mij behoorlijk ondubbelzinnig zien dat er een bovenaardse wereld bestaat die alles wat we hier 'beneden' kennen overstijgt. Een geestelijke wereld van Licht waarin ieder van ons volledig begrepen en geaccepteerd zal worden. Een rijk van onvoorwaardelijke liefde, emotionele vervulling en oneindige ontplooiing.
Dit werpt wel de vraag op waarom we ons op dit moment - althans subjectief beschouwd - niet al in die hogere realiteit bevinden, maar in een veel beperktere fysieke wereld. Wat zou de zin kunnen zijn van ons verbijf hier op aarde? In dit beknopte artikel wil ik kort stilstaan bij deze vraag in het perspectief van bijna-doodervaringen en herinneringen aan een geestelijke preëxistentie.

Een zinvolle terugkeer
Een toestand van klinische dood kan uiteindelijk leiden tot een onomkeerbaar overlijden. Dankzij de vooruitgang in de medische wetenschap worden patiënten die klinisch dood zijn echter steeds vaker gereanimeerd. Ze keren in zulke gevallen terug naar het fysieke leven doordat er bepaalde medische handelingen worden verricht. Dit geldt overigens niet voor alle gevallen. Er zijn ook casussen bekend waarin een patiënt die men dood had verklaard 'spontaan' en onverklaarbaar weer tot leven kwam. Als we medische inschattingsfouten even buiten beschouwing laten, doen zulke gevallen vermoeden dat iemand ook 'gereanimeerd' kan worden door toedoen van niet-fysieke factoren.
Hoe dan ook is er bij veel BDE's sprake van een geestelijke tegenhanger van de somatische reanimatie. Een overledene of hoger wezen kan de BDE-er de vraag voorleggen: “Wil je hier blijven of terugkeren naar je lichaam?” Als de patiënt om welke reden dan ook besluit dat het beter is om terug te gaan, blijkt de reanimatie succesvol te zijn.
David Oakford mocht tijdens zijn BDE bijvoorbeeld zelf bepalen of hij terug wilde gaan. Hij koos ervoor terug te keren uit liefde voor de planeet en uit het verlangen deze wereld te helen (Williams, 2002).

Andere BDE-ers krijgen geen persoonlijke keuze voorgelegd, maar ze worden teruggestuurd omdat het hun tijd nog niet is. Hun leven op aarde is nog niet 'af'. De gestelde doelen zijn nog niet bereikt of iemands aanwezigheid is van groot belang voor concrete anderen.
Zo vertelde wijlen Pam Reynolds dat haar beroemde bijna-doodervaring als volgt eindigde: “Op een zeker moment werd ik er aan herinnerd dat het tijd was terug te gaan. [...] Het was mijn oom die mij terugbracht naar beneden, naar mijn lichaam. Maar toen ik terugkwam op de plek waar het lichaam lag, keek ik naar dat ding en, echt, ik wou daar niet in terugkeren, want het zag er echt uit zoals het was: zonder leven. [...] Maar hij bleef maar pogen mij te overreden, hij zei “duiken hoeft niet, spring gewoon”. En, “denk aan je kinderen”, en ik zei [lacht], “met die kinderen gaat het wel goed”. Hij: “Lieverd, je moet terug”. Nou, hij duwde me, hij hielp mij een handje. [...] Ik kwam terug in mijn lichaam. Ik zag het lichaam opwippen. En toen duwde hij me en ik voelde me inwendig verkleumen.“ (Smit, 2003)

Fascinerend genoeg zie je bij preëxistentie-ervaringen iets vergelijkbaars. Er zijn jonge kinderen met herinneringen aan een hiervoormaals die nog weten hoe ze mochten kiezen tussen diverse mogelijke levens.
Een moeder uit Enschede schreef mij bijvoorbeeld dat haar oudste zoon haar had verteld hoe hij haar en haar man voor zijn geboorte had uitgekozen als ouders. Hij beweerde dat hij in de wolken verkeersborden met namen had gezien waaruit hij een keuze moest maken.
Een bezoekster van de website Spiritual Pre-existence, Deborah, herinnert zich een eigen geestelijk voorbestaan waarin ze vooral koos voor het soort ervaringen dat ze bij haar ouders zou mogen verwachten en wat ze daarvan zou kunnen leren.

Er zijn echter ook kinderen die beweren dat ze - uitgaande van de realiteit van reïncarnatie - terug 'moesten' naar de aarde, dus net zoals veel BDE-ers.
De Nederlandse jongen Kees (pseudoniem) vertelde zijn moeder als kleuter dat hij op een traumatische manier gesneuveld was en toen in een geestelijke wereld terecht was gekomen waar hij niet meer uit wilde vertrekken. Van 'de engelen' moest hij echter opnieuw 'aan het werk' gaan. Hij vertelde verontwaardigd dat ze hem praktisch 'naar beneden' hebben geduwd, hoewel dat wel op een liefdevolle manier gebeurde. De engelen vertelden hem: “Weet je, als je naar de aarde gaat, dan krijg je hulpen mee.” Hij zou dan beschermd worden. Het Grote Licht dat hij er had gezien zei nog: "Goed leven maken is je eigen verantwoording" (Rivas, 1998).

Voor mij geven dergelijke ervaringen aan dat het aardse leven kennelijk echt ergens goed voor is. Let wel, hierbij ga ik uiteraard uit van de hypothese dat de spirituele wezens die men aan gene zijde waarneemt niet slechts projecties van het eigen onbewuste zijn en ook geen verkapte sadistische demonen die er alleen maar op uit zijn zinloos lijden te continueren. Met andere woorden: ik neem aan dat die wezens ook los van de waarnemer bestaan en echt het beste met hem of haar voor hebben.

Als het leven op aarde zinloos was, zou men mijns inziens nooit een keuze voorgelegd krijgen. Dan zou het bij voorbaat duidelijk zijn dat men gewoon voorgoed in die andere spirituele dimensie moet blijven. BDE-ers zouden dan al helemaal niet teruggestuurd worden naar een lichaam dat gehavend is, waardoor ze na het ontwaken soms hevige pijn en ongemakken moeten doorstaan.
Indien het aardse leven geen enkele zin had, zouden klinisch dode patiënten maar ook zielen zonder fysiek voertuig zonder uitzondering aangespoord worden in de geestelijke dimensie te blijven. Zelfs suïcide zou dan aangemoedigd kunnen worden vanuit die geestelijke wereld, d.w.z. wanneer de reanimatie onbedoeld toch zou lukken. “Ontsnap toch uit dat tranendal, je hebt er als geestelijk wezen toch helemaal niets te zoeken!”, zou de algemene boodschap zijn. Zulke dingen hoor je inderdaad wel eens van gevaarlijke sektes, maar bijna alle BDE-ers wijzen zelfdoding op basis van mentale onvrede juist af, omdat ze beseffen dat het in strijd is met de geest van hun bijna-doodervaring.

Aardse levenslessen
Aangenomen dat het aardse leven juist vanuit het perspectief van een spirituele dimensie een duidelijke zin heeft, wat voor een zin zou dat dan kunnen zijn?
De hypothese die ik zelf aanhang is dat we door ons fysieke lichaam gericht worden op bepaalde leerzame situaties waar we ons anders wellicht aan zouden kunnen onttrekken. De bekende reïncarnatiedeskundige Hans ten Dam (1990) schrijft over het aardse leven in dit verband: “Het dwingt ons om ervaringen op te doen, te leren en ons te ontwikkelen.”
Nu valt er, wanneer we afgaan op informatie uit BDE's, ook (oneindig) veel te leren in spirituele dimensies, maar het lijkt aannemelijk dat we eerst bepaalde basislessen moeten leren voordat we daar echt aan toe zijn. Met name onze fysieke zintuigen en ons zenuwstelsel maken dat we ons steeds in een specifieke situatie bevinden waar we ons normaliter in waaktoestand niet zomaar aan kunnen onttrekken. Daarin verschilt de aardse, geïncarneerde toestand van het verblijf in een vrijere geestelijke wereld die directer lijkt te reageren op ons innerlijk. Het is ook in deze wereld weliswaar mogelijk om uiteindelijk bewust aan een situatie te ontstijgen, maar dat vooronderstelt al een bovengemiddelde mentale ontwikkeling. Overigens zijn de beperkingen van het aardse bestaan natuurlijk wel relatief, want ook op aarde kunnen mensen reeds ervaringen opdoen met helderziendheid en telepathie en ook hier is de macht van de geest over de fysieke werkelijkheid reeds aanzienlijk. Toch zijn onze mogelijkheden in dat opzicht in veel gevallen waarschijnlijk beperkter dan aan gene zijde. De gesitueerdheid van ons lichaam in een fysieke en sociale omgeving bepaalt daarom voor een belangrijk deel mede wat voor een ervaringen we opdoen. Op die manier zou een aards leven een specifieke bijdrage kunnen leveren aan iemands mentale ontwikkeling. Het lijkt erop dat men reeds in de spirituele wereld diverse prognoses voorgeschoteld kan krijgen over de uitkomst van verschillende mogelijke scenario's. Misschien kun je dit vergelijken met een oriëntatie op het volgen van diverse opleidingen en wat je daar na afronding zoal mee kunt.

Er moeten bepaalde standaard levenslessen geleerd worden alvorens men rijp genoeg is voor de vrijheid van een geestelijke wereld. Als we kijken naar BDE's dan verwijst men onder andere steeds weer naar twee algemene waarden die men zich eigen zou moeten maken, namelijk:
- kennis en wijsheid, in de ruimste betekenis van deze woorden (uiteenlopend van filosofische inzichten tot intuïtieve wijsheid tot muzikale ontplooiing), en
- liefde, met name in de betekenis van een onvoorwaardelijk mededogen en betrokkenheid, inclusief in de zin van een volledige, liefdevolle aanvaarding van jezelf (Ring & Elsaesser Valarino, 1999; Coppes, 2006; Van Lommel, 2007).

Vanuit het principe van liefde en positieve betrokkenheid spelen ook taken en missies een belangrijke rol bij het kiezen van een nieuw leven (De Beurs, 2005; Coppes, 2006; Hinze, 2006). We hebben het dan over alle mogelijke roepingen waardoor men een bijdrage levert aan het algemene welzijn of aan het welzijn van concrete mensen of dieren.
Bij het groeien in liefde hoort ook nog de verdieping van persoonlijke relaties met andere wezens (mensen en dieren). Er zijn zelfs aanwijzingen dat persoonlijke relaties over fysieke levens heen stand kunnen houden en dat mensen ook na hun dood betrokken kunnen blijven bij het lot van geliefde nabestaanden (Rivas & Dirven, 2004).

Ik stel het mij in het algemeen zo voor dat we ons eerst voldoende kennis en oprechte onvoorwaardelijke liefde en betrokkenheid eigen moeten maken alvorens we werkelijk toe zijn aan een bestaan zonder fysiek lichaam.

Zinloze aspecten?
Betekent dit nu ook dat het aardse leven perfect is, dat er niets aan mankeert? Dat lijkt mij niet, want anders zouden mensen niet eens verlangen naar een hogere dimensie. Onderdrukking en onrecht, chronisch lichamelijk lijden, en zelfs zoiets als genocide zouden dan bovendien gezien moeten worden als volmaakte onderdelen van een perfecte orde.
Vergeleken met die andere wereld schort er duidelijk van alles aan het bestaan in deze fysieke werkelijkheid. Denk bijvoorbeeld ook aan ondraaglijke, traumatische ervaringen die iemands psychologische welzijn en ontwikkeling ernstig kunnen schaden. Er zijn sterke aanwijzingen dat mensen na hun dood en zelfs in een volgende incarnatie getraumatiseerd kunnen blijven door nare ervaringen die hen in de stof overkomen (Rivas, 2009).
Het kan volgens mij dus echt goed misgaan, en liefde betekent onder meer dat men alles probeert te doen om dat te voorkomen of, wanneer het kwaad al geschied is, dingen recht te zetten. Dit is bijvoorbeeld ook het wezen van de somatische geneeskunde en de psychiatrie. Als alles helemaal zou gaan zoals het moet gaan, zou de geneeskunde (inclusief de alternatieve geneeswijzen) volstrekt overbodig zijn!

Soms probeert men het zinloze leed en onrecht dat wezens overkomt te verklaren vanuit het begrip karma. Bij ongeneeslijk zieke baby's zou daar nog sprake van kunnen zijn (hoe contra-intuïtief ook) doordat ze het een en ander misdaan kunnen hebben in hun vorige levens als mens. Maar wat te denken van het lot van dieren die bijvoorbeeld uitzichtloos moeten lijden in de bio-industrie! Zoiets zou alleen karmisch te 'rechtvaardigen' zijn als die dieren in vorige incarnaties de grootste misdaden hadden begaan. Volgens mij is er geen enkele reden om dat aan te nemen.
Dit soort overwegingen hebben voor mij ook gevolgen voor keuzes rond bijvoorbeeld sociaal engagement, politiek beleid, en vegetarisme (Rivas & Stoop, 2006). Als het leven op aarde niet altijd vanzelf ideaal verloopt, is het de moeite waard om anderen bij te staan en onnodig leed zoveel mogelijk in te perken. Dit sluit goed aan bij het principe van liefde dat zo belangrijk is volgens talloze BDE-ers. We leven in een wereld die allesbehalve perfect is, en het lijkt me nogal liefdeloos om simpelweg genoegen te nemen met loze kreten als “er is een perfect, goddelijk evenwicht tussen goed en kwaad” of “goed en kwaad zijn slechts een illusie die aangeeft dat je nog niet verlicht bent”. Van veel BDE's gaat in mijn beleving dan ook een eenduidig appèl uit om te kiezen voor het goede.
Waarschijnlijk kom je pas echt in aanmerking voor een verdere ontwikkeling in die andere wereld als je al hier op aarde voldoende streeft naar het verbreiden van zoveel mogelijk Licht.

Nog dit
Zelfs de rooms-katholieke kerk erkent tegenwoordig dat dit ondermaanse leven niet herleid mag worden tot een doorgangsfase zonder inherente waarde op weg naar het hiernamaals. Laten we niet vergeten dat het vanuit het principe van liefde (voor jezelf en anderen) de bedoeling is ook hier op aarde reeds zo gelukkig mogelijk te zijn en anderen te laten delen in ons geluk.

Literatuur
- Beurs, R.J. de (2005). Vragen rondom leven en dood: moderne bevindingen en oude inzichten over het leven, sterven, en het leven na de dood. Eigen beheer.
- Coppes, B. (2006). Bijna Dood Ervaringen en de zoektocht naar het licht. Soesterberg: Uitgeverij Aspekt.
- Dam, H. ten (1990). Exploring reincarnation. Londen: Penguin Books.
- Hinze, S. (2006). We lived in heaven: spiritual accounts of souls coming to earth. Spring Creek Book Company..
- Lommel, P. van (2007). Eindeloos bewustzijn: een wetenschappelijke visie op de bijna-dood ervaring. Kampen: Ten Have.
- Ring, K., & Elsaesser Valarino, E. (1999). Het licht gezien: bijna-doodervaringen. Deventer: Ankh-Hermes.
- Rivas, T. (1998). Kees: Een Nederlands geval van herinneringen aan een vorige incarnatie met herinneringen aan een toestand tussen dood en wedergeboorte. Spiegel der Parapsychologie, 36, 1, 43-5.
- Rivas, T. (2000). Parapsychologisch onderzoek naar reïncarnatie en leven na de dood. Deventer: Ankh-Hermes.
- Rivas, T. (2009). Posttraumatische verschijnselen en voortbestaan. Prana, 175, 87-94.
- Rivas, T., & Dirven (2004). Dankbaarheid bij overledenen: twee mogelijke gevallen. Tijdschrift voor Parapsychologie, 2, 16-19.
- Rivas, T., & Dirven. A. (2010). Van en naar het Licht. Leeuwarden: Elikser.
- Rivas, T., & Stoop, B. (2006). Spiritualiteit, vrijheid en engagement. Nijmegen: Athanasia Producties.
- Smit, R. (2003). De unieke BDE van Pamela Reynolds. (Uit de BBC-documentaire "The Day I Died"). Terugkeer, 14, (2), 6-10.
- Spiritual Pre-existence: http://prebirthexperience.com/
- Williams, K. (2002). Nothing better than death. Xlibris Corporation.

Dit artikel werd gepubliceerd in Terugkeer.

Contact: titusrivas@hotmail.com

Gebruikte steekwoorden
reïncarnatie, filosofie, bijna-doodervaring, zin van het leven, aardse leven, leven op aarde, existentie, aards bestaan
printversie
auteur mailen
sluiten